Waar ga je vissen?

 

DICHT BIJ HUIS
In je eigen dorp of stad vind je vaak hele mooie wateren waar het goed vliegvissen is. De vijvers en slingels op industrieterreinen en in nieuwbouwwijken zijn vaak geweldige stekken om met de vliegenhengel op jacht te gaan naar ruisvoorns, baarzen en snoek. Let wel op dat je geen voorbijgangers haakt met je achterwaartse worp!


POLDERS
Polders zijn misschien wel de mooiste plekken om met de vliegenhengel te vissen: helder water met een behoorlijke planten groei en veel ruisvoorns. Deze azen aan de oppervlakte en zijn vaak goed te vangen met de droge vlieg. Zeker als het mooi weer is.
Het is niet altijd even duidelijk in welke poldersloten je nu wel of niet mag vissen. Kijk altijd goed in je vergunning of vraag even aan een bewoner of je het weiland in mag lopen.

RIVIEREN
Op de grote rivieren kun je schitterend vliegvissen, bijvoorbeeld op brasem en winde. Vis je tijdens warme zomeravonden de ondieptes af met een streamer, dan is de kans groot op snoekbaars. In de stroming maak je kans op roofblei en baars.

KLEINE RIVIERTJES EN BEKEN
Probeer het eens op kleine riviertjes en beken. In het midden, oosten en zuiden van ons land vind je er verschillende en net over de grens nog veel meer. De meeste vis vang je aan het einde van een stroomversnelling, waar het iets dieper wordt.

HOTSPOTS VOOR SNOEK
Bruggetjes, dammen, gemalen, rietkragen en kruisingen van sloten zijn vaak echte hotspots voor snoek. Als je er eentje vangt, ga dan niet meteen verder naar een volgende plek maar vis nog even verder. Soms liggen er meerdere snoeken dicht bij elkaar.

WINTERSTEKKEN
Vliegvissen kun je het hele jaar door doen, dus ook in de winter. De beste stekken zijn dan de jachthavens waar veel blankvoorns en windes overwinteren. Wel even vragen of je er mag vissen!